U bevindt zich hier

Home >  Basisschoolkind >  Opvoeding en gedrag >  Slapen >  Slapen en angst

Slapen en angst

Ieder kind is wel eens bang in bed of heeft een enge droom. Dat wordt meestal minder als het ouder wordt. Probeer erachter te komen wat er aan de hand is.

Bang in de slaapkamer

Kleuters kunnen nog niet goed werkelijkheid en fantasie uit elkaar houden. Je kind kan bijvoorbeeld denken dat er iets engs in de kamer is. Kijk dan samen eens goed rond en praat over de dingen waar het bang van kan worden. Bedenk samen een manier om die dingen te laten verdwijnen, weg te denken of weg te fantaseren. Hierdoor krijgt je kind een gevoel van controle over de angsten of de gedachten. Daardoor kan je kind zich gemakkelijker overgeven aan ontspanning en de slaap.

Bewegen er schaduwen van buiten over de muren? Ziet een pop er in het halfdonker misschien eng uit? Ook de wind kan voor enge geluiden zorgen. Misschien kun je daar iets aan doen, zoals een tochtstrip plaatsen.

Nachtlampje

Misschien vindt je kind een nachtlampje fijn? Kleuters vinden dit vaak prettig. Als je kind wat ouder is, wil het dit waarschijnlijk niet meer.

Dromen en nachtmerries

Je kind verwerkt wat het overdag meemaakt tijdens het dromen. Soms wordt het huilend of bang wakker van een akelige droom of nachtmerrie. Als je zoon of dochter wat ouder wordt, gebeurt dat meestal steeds minder.

Nachtangsten

Nachtangst is iets anders dan een nachtmerrie. Als je kind overgaat van diepe slaap naar lichte slaap kan het nachtangsten krijgen. Dat is vooral in de eerste helft van de nacht. Kinderen tussen 3 en 12 jaar kunnen er last van hebben, maar soms komt het ook voor bij jongere of oudere kinderen.

Bij nachtangst is je kind niet wakker, maar lijkt het ergens van overstuur. Als je je kind wilt troosten, dan lijkt het alsof je geen contact krijgt.

Hoe reageer je op nachtangsten?

Maak je kind niet wakker. Je kunt het best je kind vasthouden totdat het weer rustig is en verder slaapt. Als het niet lukt om je kind vast te houden, blijf er dan bij en zorg ervoor dat je kind zich niet bezeert. Praat op een geruststellende toon tegen je kind. De volgende morgen herinnert je kind zich er niets meer van.

Hoe voorkom je nachtangsten?

Waarschijnlijk heeft de rijping van de hersenen ermee te maken dat je kind nachtangst heeft. Spanning en slaaptekort kunnen er voor zorgen dat je kind nachtangsten krijgt. Zorg daarom voor vaste bedtijden en genoeg nachtrust. Rust en regelmaat overdag kunnen ook helpen. Als het vaak voorkomt, haal je kind dan een kwartier voordat het gebeurt even uit bed om bijvoorbeeld te plassen. Soms voorkomt dit de nachtangst.

Als je kind ouder wordt gaat nachtangst vanzelf over. Je hoeft je er geen zorgen om te maken.

 

Keurmerk

Bron: Slapen en angst

Of vraag het Else, onze virtuele medewerker!