U bevindt zich hier

Home >  Peuter >  Opvoeding en gedrag >  Slapen >  Dromen

Dromen

Je peuter maakt veel mee op een dag en kan daar 's nachts over gaan dromen.

Je kind moet de ervaringen van overdag in zijn slaap verwerken. Soms wordt je kind wakker van zo'n droom. Als het een enge droom was, kan hij ook bang zijn. Dat kan heel naar zijn om te zien.

Tips

  • Probeer je kind in het eigen bed te troosten, zonder het licht aan te doen. Geef je kind het vertrouwen dat het veilig is in het eigen bed en dat het weer kan slapen.
  • Als je peuter bang is in de eigen kamer, kijk dan eens goed rond waar het bang van kan zijn. Bewegen er schaduwen van buiten over de muren? Ziet een pop er in het halfdonker misschien eng uit?
  • De wind kan voor enge geluiden zorgen. Bekijk of je iets tegen die geluiden kunt doen, zoals het plaatsen van een tochtstrip.
  • Zorg voor een rustige, comfortabele en donkere slaapkamer. Laat zo nodig een nachtlampje aan op de kinderkamer.
  • Vermijd intensieve activiteiten in het uur voordat je kind naar bed gaat.
  • Laat je kind voor het slapengaan niet naar een beeldscherm kijken. Zet geen tv of computer in de slaapkamer.
  • Geef je kind geen zware maaltijd vlak voordat het gaat slapen. Maar laat het ook niet met honger naar bed gaan.
  • Praat de volgende dag met je kind over de nare droom.
  • Praat ook eens over leuke dromen.
  • Vertel dat je zelf een nare droom hebt gehad. Zo leert je kind dat dromen heel normaal is en dat het niet de enige is die nare dromen heeft.

Nachtmerries

Na een nachtmerrie is je peuter meestal wakker en kan het zich soms herinneren waar die enge droom over ging. Blijf rustig en troost je kind. Laat het in het eigen bed verder slapen. Het kan zijn dat je kind zich de volgende morgen niets meer herinnert van een akelige droom.

Soms hebben kinderen nachtangsten: ze zitten rechtop in bed en gillen het uit. Ze zijn dan niet wakker.

 

Keurmerk

Bron: Dromen

Of vraag het Else, onze virtuele medewerker!